Kaplaarzen repareren was wel aan te raden, zei Erik, dus ik ging aan de slag met bandenplakspul en isolatietape om de scheurtjes te dichten. Het heeft gehouden, maar hij had er wel even bij mogen zeggen dat een regenbroek ook een goed idee zou zijn, al regende het niet: de tocht ging zondag eerst met de auto tot aan de slagboom (om het "saaie" stuk vlakbij huis te vermijden), vervolgens te voet over het pad tot aan de beverdam,
maar daarna langs drassige, met dik mos begroeide wildsporen,
over hellingen met bosbes-en lingonstruiken tot aan de knieën, het gras nog hoger reikend, langs een afwisselend kabbelend en kolkend beekje over wat we vermoedden dat 100-200 jaar geleden een veelgebruikt pad over de rotsen was. (In die tijd graasden de koeien en schapen nog in het bos.) De honden liepen af en toe vast in die jungle, en moesten ergens uit of overheen getild worden, al wisten ze over het algemeen hun weg wel te vinden. Soms bood een boomstronk wat meer zicht op de omgeving.
Foto's uit het sprookjesbos hopen we een volgende keer, als de zon lekker schijnt, te maken - het was er zo donker, dat we ons totaal niet verbaasd zouden hebben als we Roodkapje en de wolf waren tegengekomen...
Eenmaal thuis en van droge kleren voorzien, trokken we naar Olsäter, hier 10 km vandaan, waar bij het schooltje de jaarlijkse markt was. Gróót was mijn blijdschap toen ik daar een kraam met Hollandse kaas aantrof. Ik kreeg er nog een pakje stroopwafels bij ook!





















