zondag 24 november 2019

Komische opera

Binnenkort is het weer Lucia, dit jaar zelfs op vrijdag de 13e. Ik heb al wel eens eerder geschreven over de Zweedse viering van Sankta Lucia, een van Sicilië overgewaaide traditie. Zegt men. Maar het blijkt ingewikkelder te zijn dan ik dacht, zoiets als met Sinterklaas, en dan met name de oorsprong van de Zwarte Pieten. Dit naar aanleiding van een bewerking van Benjamin Britten's komische opera Albert Herring, die Wermlands Opera momenteel op het programma heeft. Van Herring (haring) naar Strömming is voor Zweden niet zo'n grote stap, daarna kan men volstaan met het aanmeten van Zweedse namen voor de andere personen, het bewerken van de muziek voor een klein orkest als dit, en het verplaatsen van de handeling naar, inderdaad, Lucia.


Het verhaal gaat als volgt: het feestcomité van het dorp is bij elkaar geroepen om te beslissen over wie de Lucia van dit jaar zal zijn. Ditmaal neemt een voormalig bewoonster van het dorp 'het helemaal over', deugdzaamheid moet voorop staan, en ze looft een prijs uit van 55.000 kronen (5500 euro) voor wie aan de eisen kan voldoen. Maar wíe van de meisjes ook voorgesteld worden, er is er niet één die haar goedkeuring kan wegdragen. Men zit zodoende met een heel groot probleem: hóe kan de Lucia-viering tóch doorgaan? Na een hoop onderling gekibbel besluit men om Albert Strömming tot Lucia te kronen. Al is hij een jongeman, kon hij nooit goed leren op school, is hij vreselijk verlegen, hij helpt zijn moeder heel trouw in de lokale winkel. Springt nooit uit de band, is, kortom, superbraaf en deugdzaam. 

Zoals te verwachten is hij in eerste instantie te verbluft om te protesteren, en als hij na vertrek van de commissie tegen zijn moeder zegt dat hij niet van plan is om aan die onzin mee te doen, maakt hij geen schijn van kans: voor zijn moeder zijn die 55.000 kronen op dat moment veel belangrijker. Zoals het in een opera hoort te gaan, komt hij in opstand, en verdwijnt na het feest spoorloos, mét de 55.000 kronen. De paniek is groot, het hele dorp zoekt, er ontstaan een massa schuldgevoelens bij vrijwel iedereen, uiteindelijk wordt hij op een brancard onder een zeil binnengedragen: hij is overreden. En dood. Denkt men. Maar omdat het nu eenmaal een komische opera is, springt hij plotseling van de brancard: hij heeft iedereen een lesje willen leren, die nacht van alle verboden vruchten geplukt, en hij eindigt waar hij begon: in de winkel van zijn moeder.


Al kijkend en luisterend begon ik me af te vragen wát nu eigenlijk de bedoeling geweest kan zijn van deze versie. Probeert men alleen maar één van de oude tradities belachelijk te maken en zo ja, waarom? Of zit er meer achter? Ik ben voor het laatste, maar oordelen jullie zelf; ik ben op de zweedse wikipedia gaan zoeken, en heb het volgende gevonden:

Zowel de feestdag ter ere van de heilige Lucia als de naam van Lucifer (waarvan gezegd wordt dat hij in deze donkerste nacht van het jaar bijzonder actief was) liggen qua naam dicht bij het latijnse woord voor licht: lux. Maar de gewoonte om de terugkomst van de zon te bezweren en te vieren heeft eerder voorchristelijke wortels. De rode band van zijde die Lucia om haar middel draagt zegt haar marteldood te symboliseren. Behalve dat heeft de zweedse luciafiguur eigenlijk erg weinig met de Heilige Lucia van doen.

Openluchtmuseum Skansen nam de luciatraditie op in 1893, hoofdzakelijk omdat het een oude traditie was, waard om te bewaren. Het moderne luciafeest maakte furore toen Stockholms Dagblad in 1927 een luciawedstrijd arrageerde, met openbare luciaoptocht. De gewoonte vond daarna snel navolging door het hele land, niet in het minst als gevolg van inititief van de lokale pers.


Stormen van haat ontstonden toen kinderen met donkere huid de norm braken en de luciakroon mochten dragen, gevolgd door sterke tegenreacties. Jongens hebben ook als Lucia opgetreden ondanks het feit dat dat sterke protesten opriep onder traditionalisten. Tegenwoordig is het redelijk normaal dat in bepaalde steden in Zweden mannen met baard voor de luciaverkiezingen genomineerd worden. De verklaring daarvoor is, dat de luciatraditie allereerst aan de universiteiten vaste voet aan de grond kreeg. En daar waren in die tijd nog geen vrouwelijke studenten.







zondag 17 november 2019

Durpsbewoners in Värmland

Richard leverde me zopas een o-zo-treffende post van iemand op facebook, die zo ongelooflijk to the point is, dat ik er nu even breed voor ga zitten om een ruime keuze daaruit naar leesbaar Nederlands te vertalen. Mensen, leest, en geniet of huivert naar keuze ;) 

Je weet dat je een échte inwoner van een klein dorp in Värmland bent als:

- Je vindt dat het verkeer vast is gelopen als er 10 auto's achter een tractor op weg 62 wachten om te kunnen inhalen.
- Je afstand in uren rekent
- Je ziet dat mensen jachtkleding aan hebben bij een sociaal evenement
- Je alarm installeert in je huis, het neemt als extra optie voor je auto, maar geen van beide op slot doet
- Je zonder met je ogen te knipperen 100km/uur rijdt in sneeuw van een halve meter diep
-Ten minste één van je buren thuis sterke drank brouwt en iedereen dat weet, zelfs de politie, want dat is zijn broer
- Je een startkabel in je auto hebt en je vrouw weet hoe ze die moet gebruiken
- Netjes kleden betekent dat je je flanellen bloes ín je broek stopt, en schone sokken aantrekt
- Wanneer je een nieuw iemand ontmoet allereerst vraagt wie zijn of haar ouders en broers/zussen zijn
-Je van iedereen uit de examenklas de naam weet, en feitelijk 200km heen en terug rijdt voor een feest
-Scholen niet sluiten als het sneeuwt
- Je toen je jong was geen cigaretten kon kopen omdat iedereen in de winkel wist wie je was en hoe oud je was
- Het een teken van status is wanneer je samenwoont met iemand uit een andere gemeente
- Je vindt dat mensen uit de stad zich raar kleden, en vervolgens twee jaar later heel trendy net zulke kleding draagt
- Je een wandeling maakt om in beweging te komen en 5 mensen stoppen om te vragen of je een lift wilt
- Je geen richting aangeeft als je afslaat omdat toch iedereen wel weet waar je heen gaan
- Je de verkeerde persoon belt, en prompt het juiste nummer krijgt

- Je smakelijk zit te lachen als je dit leest, omdat je weet dat het waar is, en het vervolgens doorstuurt!


zondag 10 november 2019

Geen paaltjes.

Ze zijn ons vergeten met de paaltjes, volgens mij...
Ik heb het over wat ze hier 'sneeuwstokken' noemen: knaloranje paaltjes met een reflecterende band. In oktober verschijnen ze langs alle kleinere wegen, en afgezien van het feit dat je in het donker beter kunt zien waar de weg loopt, is het vooral bij sneeuw belangrijk: dan zie je namelijk niet meer waar de weg ophoudt en de greppel begint, zeker niet als het een paar keer flink gesneeuwd heeft, de sneeuwschuiver langs is geweest en die greppel dus vol sneeuw ligt...



Beneden in het dorp staan ze altijd, en zelfs langs onze weg naar boven, tot waar buurman Erik woont (het laatste huis in de bewoonde wereld), én Björnvålsfallet, wat zelfs (of misschien wel juíst) met de jaarwisseling verhuurd is. De sneeuwschuivers schuiven altijd tot aan de paaltjes, maar dat lijkt deze winter een beetje mis te gaan. Pal buiten het dorp staan ze namelijk al een paar weken, maar hier nog niet. Het heeft namelijk al flink gevroren, dus het is nogal onzeker of 'ze' de paaltjes nu nog wel de grond in krijgen. We zullen zien. De eerste sneeuw is vrijdag al gevallen:


en ligt er nu nog steeds:


Dat we vorig weekend de voorspelde 15 cm sneeuw in de vorm van regen kregen, vonden we helemaal niet erg, aangezien de garage niet voor afgelopen vrijdag tijd zei te hebben om de autobanden te wisselen. Richard heeft dat woensdagochtend samen met buurman Martin kunnen regelen, dus in het vervolg hebben we daar de garage niet meer voor nodig. Voor morgen wordt er weer nieuwe sneeuw verwacht, dús beginnen mensen al te praten over een op handen zijnde Extreme Winter, met temperaturen tot 20 graden of meer onder nul. Dat zien we tegen die tijd dan wel weer, we hebben in ieder geval hout genoeg.

Gaia maakt het helemaal niets uit, die geniet zwaar van een weekendje Yuri:







zaterdag 2 november 2019

(Te)veel van het goede

Nog niet zo lang geleden hadden we nog wat bloemetjes in de tuin. Een flink aantal nachtvorsten later zijn daar alleen nog de herfstastertjes van over. Vervolgens werd er tot mijn afgrijzen een weekend met veel, heel veel sneeuw voorspeld, terwijl we nog (oude!) zomerbanden hadden, en er bij dit soort voorspellingen geen werkplaats is die nog tijd over had voor het wisselen van banden...

     

Inmiddels zijn we een aantal weersvoorspellingen verder, en hebben de experts toegegeven dat ze eigenlijk niet weten hoe zuidelijk de sneeuw gaat komen. Misschien volgend weekend, zeggen ze nu, al blijft het verder wel aan de koude kant. Dus dat met die winterbanden moet goed kunnen komen.

Nu het kouder wordt, heb ik ook de bezoekjes aan mijn vriendin in Molkom weer opgepakt: we zijn weer aan het weven. Hoewel… deze week kwam daar niet zo veel van terecht: ten eerste was het die dag prachtig weer, ten tweede had ze de dag ervoor paddestoelen zien staan. Trechtercantharellen, volgens mijn woordenboek. Tot voor kort was ik daar niet zo kapot van, maar ik had klaarblijkelijk de fout gemaakt om ze, net als gewone cantharellen, in de koekenpan te bakken met wat knoflook, voor op de boterham. Ik vond het een rare structuur. Maar toen ik soep kreeg voorgezet, waar gedróógde trattjes in verkruimeld waren, was het opeens een heel andere zaak, en begreep ik waarom ze als delicatessen worden beschouwd. 

Dus werd het een extra lange wandeling met de honden, rugzak en plastic tasjes mee. De trattjes waren nog knapperig bevroren, heel makkelijk om te plukken daardoor, en na een uurtje gaven we het op: er kwam geen einde aan, en je moet ze ook nog kunnen verwerken...


Eerst maar ontdooien in de zon op de veranda, regelmatig kranten vervangen, dan is het ergste vocht er uit, en kunnen ze niet zo snel bederven. Wat hierboven staat was maar één van de drie porties, en toen vervolgens bleek dat mijn vriendin geen cantharellen meer hoefde, omdat ze nog zoveel over had van vorig jaar, zonk de moed me bijna in de schoenen, dit was toch wel wat te veel van het goede...

We hebben de rest van de middag samen paddestoelen zitten schoonmaken, ik kreeg een extra stapel kranten mee naar huis, en ik kon twee dagen lang de was niet doen, omdat ik kranten met paddestoelen op de wasdroogrekken op de overloop had staan.
Spacepaddo's, vond mijn zwager, toen ik heel opschepperig een foto in de WhatsApp familiegroep plaatste. Dat moest ik wel toegeven ja, dat ze in ongedroogde vorm aardig wat ruimte innamen!

      

Meer dan 48 uur heeft onze paddestoelendroger luidkeels staan zoemen en blazen: 5 plateaus paddestoelen leveren één schaaltje gedroogde op, weet ik nu, en ik krijg twee schaaltjes in een glazen pot geprompt (wel een paar keer flink aanduwen). Maar nu is het klaar, we komen er wel mee uit, tot de volgend oogst volgend jaar: