Het is wekenlang onrustig geweest in de bossen rondom de torp: men maakte gebruik van het vriezende weer om percelen bos uit te dunnen of te kappen. Zolang de bosgrond hard bevroren is, kunnen de gigantische bosbouwvoortuigen er goed door, zonder in hun eigen diepe voren te verdwijnen. Zet de dooi eenmaal door, rijden ze alles helemaal stuk - en aangezien de bosbouwbedrijven de aangerichte schade zelf worden geacht te herstellen (de bereidheid daartoe is wel evenredig met de mate waarin de grondeigenaren er achter aan zitten dat dat ook werkelijk gebeurt…), wordt er van zonsopkomst tot zonsondergang doorgewerkt - wat verder buiten de bebouwing ook nog van zonsondergang tot zonsopkomst.
Onze kleine reeënfamilie zocht zijn toevlucht op en rond ons erf. De 'vogelvoerboom' werd om de paar uur geïnspecteerd, en ik zag ze vaak tussen de bomen van ons bosje, vanwaar ze de bedrijvigheid hier strak in de gaten hielden. Het gebeurde meer dan eens dat ik even in de aardkelder bezig was, en vervolgens oog in oog stond met Ree Charles, die inmiddels het akkertje opgelopen was. Soms waren moeder en zus dan al bij de boom aan het eten. Veel meer dan een paar meter ging hij doorgaans niet opzij voor me. Als echte reeënpuber is hij zijn moeder boven het hoofd gegroeid, en staat op wacht, als de rest van het gezin aan het eten is.
Over eten gesproken: voor de elanden levert alle bedrijvigheid je reinste luilekkerland op. Ze eten graag de jongste scheuten van bepaalde bomen, en daar kunnen ze nu natuurlijk makkelijk bij. Tijdens de ochtendwandelingen richting 'Fallet', om de hoek dus, kwam ik ze vaak dagen op rij tegen. Ik plaats dankbaar een foto die één van de dorpsgenoten van ze maakte:

Ronja meende nog achter een lopende sneeuwbal aan te kunnen gaan. Het bleek een wezeltje te zijn, prachtig in zijn witte winterpels. Het kleinste landroofdier van Europa, volgens wikipedia. Zo klein, dat ze de muizen in hun gangen kunnen achtervolgen. Hier in huis hebben we daar nog steeds een muizenval voor nodig…
Maar om nog even op Ree Charles terug te komen, hij wordt steeds brutaler, naarmate zijn eerste gewei aan het groeien is, van knobbels op het hoofd
tot 'takjes'
die inmiddels boven zijn oren uitkomen.
Hij zal toch wel zijn langste tijd bij moederlief gehad hebben, want elk voorjaar worden de 'jonkies' van de vorige lente weggestuurd. Dan heeft moeder energie nodig voor de volgende lichting. Vooralsnog geldt: eigen volk eerst. En dat vind ik ergens toch wel sneu: vorig jaar dacht ik dat er nog een derde reekalfje was, maar vermoedelijk is dat toch een soort adoptiekalfje geweest. Het was de allerkleinste, en ik had haar al in geen maanden meer gezien, tot ze plotseling aan kwam lopen toen 'het gezinnetje' aan het eten was. Ik vroeg me af waarom ze zo schuchter was, tót ze net een stapje te dichtbij kwam: moeder Ree deed een uitval. Ze probeerde het nog een paar keer, maar werd uiteindelijk door de hele familie verjaagd. De dagen erna zag ik haar soms op het erf van buurman Christian rondscharrelen. Ik hoop dat ze het redt, tot de lente komt, want ze was weliswaar wat magertjes en klein, maar zag er verder gezond uit. En ze leek te weten hoe ze onder de sneeuw eten kan vinden. En dat met die omgewoelde bosgrond na de kap - dat moet toch lukken? Ik hoop het van harte!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten