maandag 6 juni 2016

Emmertje onkruid...

Regen en zonneschijn brengt ook een hoop onkruid aan de groei en de bloei... 


Lupinen hebben in Zweden eigenlijk helemaal niets te zoeken, en het is al net zo als met dieren: zonder natuurlijke vijanden nemen ze alles over, en verdringen wat er wél van nature thuishoort. Over lupinen heb ik zeer gemengde gevoelens, want wat zijn ze mooi! Bovendien zijn het groenbemesters die stikstof in de bodem binden, en door de enorm sterke wortelgroei wordt de bodem mooi los en luchtig. Maar ja, op het veldje waar ze staan, naast ons huis, heb ik op termijn een paar appelbomen en een pruimenboom in gedachten...

Nu las ik dat je van onkruid als dit vrij gemakkelijk afkomt: voorkom dat het zaad zet. Dus nu staat er permanent een grote emmer lupinen te pronken op de vlonder. En traditiegetrouw wordt rond midzomer met de zeis gemaaid (dat moeten we nog leren, maar daar hebben we buren voor).

Een andere oplossing: heb je onkruid in de tuin? Eet het op! Dus zetten we brandnetelthee (schijnt goed te zijn tegen hooikoorts), eten gestoofde brandnetel á la creme of brandnetelsoep. Maar de brandnetels groeien als kool, vooral in het frambozenveldje, en dan is er nog een oplossing die je in een stadstuintje niet durft proberen:

Brandnetelgier:

Bildresultat för brandnetelgier

Je stampt de brandnetels aan in een emmer, zet ze onder water, en laat het 3 tot 7 dagen staan, elke dag even omroeren, en ik heb me laten vertellen dat je er maar beter een deksel op kunt doen, en de emmer heel ver achterin de tuin zetten, wel in de felle zon graag. Al vrij snel zou het gaan pruttelen als in een heksenketel...
Wanneer je nog nét niet over je nek gaat van de lucht, is het spul klaar, vis je de netels er uit en dumpt ze op de komposthoop. Het soepje zelf verdun je 1:10 en is krachtvoer voor de planten.


Maar dit, dit is het ergste van alles:

Bildresultat för kirskål rötter            Bildresultat för kirskål blomma

Kirskål, oftewel zevenblad.
En het is allemaal mijn eigen schuld...

Omdat ik veel inheemse planten hier niet ken, besloot ik vorige zomer om even af te wachten wat er in de borders op zou komen. Van dit intens gemene onkruid stond een mooi polletje heel schattig te bloeien. Onder de grond echter, weet ik inmiddels, gedraagt het zich als een wurgslang: het wikkelt zijn wortels (lijken op die van kweekgras) om de wortels van andere planten heen, die zo verstikt worden... Dit jaar is het polletje uitgegroeid tot een veldje van een paar vierkante meter, rondom een intens treurende pioenroos.

Nu kun je ook kirskål wel eten, net als spinazie en brandnetel, maar ik wil het niet eens proberen. Vanochtend heb ik 2 vierkante meter opgegraven, zoals je plaggen gras uitgraaft. Drie hele kruiwagens vol. Gelukkig was het een vers veldje en lijk ik alle wortelresten kwijt te zijn. Heel triomfantelijk heb ik er gelijk planten ingezet die ik van een kennisje had gekregen uit haar tuin: prachtige blauwe irissen, Pinksterlelies, en nog iets waarvan ik de naam alweer vergeten ben. Men zegt, dat je spul als kirskål het beste kunt verbranden, maar vanwege de wind durfde ik het niet aan. 100 meter verderop in ons bos storten? Ik hoop dat dat niet tegen me gaat werken...








Geen opmerkingen:

Een reactie posten