dinsdag 6 maart 2018

Een 'Zweedse' in Praag

De Praagse burcht met omgeving staat op de lijst van het werelderfgoed. Bovendien woont de Tsjechische president er. Ergens. Dus er loopt een aan de hoeveelheid toeristen aangepast aantal politieagenten en ander bewapend volk rond. Plus nog wat extra. In vroeger tijden kon voor de beveiliging worden volstaan met de inmiddels droogliggende slotgracht buiten de muren, en dit soort zware deuren erbinnen:


Tegenwoordig loop je, net als op alle vliegvelden, door de security voor je het terrein kunt betreden. De toeristen vóór ons zag ik tassen en camera's in een bak leggen om gescand te worden, dus ik deed dat op mijn beurt ook, en keek vervolgens de agent vragend aan: mag ik nu door het poortje? Hij vroeg me iets in rad Tjechisch, en zonder erbij na te denken antwoordde ik: Vad sa du, att...? Waarna hij overging op gebarentaal, naar mijn jaszak wees: Mobile phone? en ik, sufferd die ik ben: oh ja, förlåt!
Richard's gezicht zag ik haast in tweeën splijten door een enorme grijns... Eén ding was wel duidelijk: we verstonden elkaar absoluut niet!


Het uitzicht was er niet minder mooi om, ik snap wel waarom die burcht daar gebouwd is!



Blij dat we vroeg waren, zodat we de belangrijkste gebouwen en kerken nog even rustig konden bekijken, al zwierven er al heel wat busladingen bezichteraars rond. Ons voordeel was, dat we niet achter een gids aan hoefden te hobbelen, dus we letten steeds goed op waar het rustig was, en schoten daar dan naar binnen. Zo konden we ook warme chocolademelk met rum bemachtigen om een uur of elf, om weer warm te worden, én een plekje aan een tafeltje naast een verwarming, voordat de buslading die we de hele ochtend probeerden te ontlopen er binnendromde.



Zelfs in het Gouden Straatje, waar ooit de werknemers (waaronder een alchemist, natuurlijk) woonden, en waar de miniatuurhuisjes nu tot miniatuurmusea waren omgebouwd, was het relatief rustig.  Een mini-filmhuisje was er vrij recent nog: negen stoelen, plus eentje naast de projector, de films lagen zo'n beetje overal opgestapeld, tot op de trap.


Wel een beetje jammer dat het huisje wat Franz Kafka een tijdje van zijn zus huurde als souvenierwinkeltje wordt gebruikt... 


Ik heb elke dag wel een paar van die Zweedstalige acties gehad, telkens tot groot plezier van Richard. Of ik nu eten of drinken wilde bestellen, de aardige dame bedanken die bij Slavia op onze jassen paste, het maakte allemaal niets uit: ik schijn sinds het leren van de Zweedse taal, het Engels en Duits niet bepaald paraat meer te hebben. Lezen gaat prima, maar spréken... Ik zal maar zeggen: práát me er niet van!








Geen opmerkingen:

Een reactie posten